ACOD informeert over het lopende sociaal overleg (16/04/2020)

Ook het tweede “digitale” sociaal overleg stond uiteraard vooral in het teken van de corona-maatregelen aan de Universiteit Gent, naast de voorbereiding van het formele onderhandelingscomité van volgende week. Tot slot werd er ook een toelichting gegeven over een aantal wijzigingen aan de werkwijze voor de potentieelinschattingen 2020 voor het ATP naar aanleiding van de coronacrisis.

Hieronder geven we kort de standpunten die we daarover als ACOD hebben ingenomen, en het antwoord dat we hierover kregen vanuit het universiteitsbestuur.

Wil je meer weten over één van deze onderwerpen, of heb je zelf vragen of suggesties, laat het ons weten via acod@ugent.be

Corona-maatregelen

ACOD vroeg het bestuur om een antwoord op de vragen rond de corona-maatregelen die we vorige week stelden (zie ons toenmalig verslag), en waarop nog geen antwoord kwam. Op sommige vragen gingen we dieper in, omdat de situatie intussen verder is geëvolueerd, of omdat we nieuwe vragen kregen.

  • ACOD vroeg het bestuur over de manier waarop de activiteiten in de UGent opnieuw zouden opgestart worden van zodra dit toegelaten is, en welke beschermingsmaatregelen er zouden voorzien worden. We vroegen ook expliciet naar sociaal overleg over deze maatregelen, zodat eventuele problemen op voorhand kunnen gesignaleerd en opgelost worden. Eerder hadden ook ACV en VSOA die vragen gesteld.
    • Het universiteitsbestuur bevestigde dat er aan een scenario wordt gewerkt om de activiteiten in de UGent-gebouwen opnieuw op te starten van zodra de regering hiervoor haar toestemming geeft. Er gaat daarbij uiteraard bijzondere aandacht naar de veiligheid van het personeel, en de nodige beschermingsmaatregelen worden voorzien.
    • Op de vraag naar sociaal overleg over deze veiligheidsmaatregelen en procedures bleef het bestuur vaag. De drie vakbonden hebben samen nogmaals duidelijk gemaakt dat het van fundamenteel belang is dat er openheid, duidelijkheid en sociaal overleg zal zijn over de modaliteiten van een eventuele heropstart van activiteiten, zodat dit op de meest veilige manier kan gebeuren.
  • ACOD vroeg ook, net zoals vorige week, meer duidelijkheid over het aantal collega’s die toch in de gebouwen van de UGent moeten actief zijn, en welke beschermingsmaatregelen er voor hen worden genomen. We hoorden intussen dat ook DGFB een aantal activiteiten heeft heropgestart, en vroegen hierover meer uitleg.
    • Het bestuur gaf aan dat het slechts om een zeer kleine groep gaat (slechts een 100-150 tal personen hebben zich de voorbije weken minstens éénmaal toegang verschaft tot de UGent-gebouwen, op een totaal personeelsbestand van 9.000). Het bestuur gaat er van uit dat het dus echt enkel gaat om die mensen die absoluut zeker moeten aanwezig zijn op de werkvloer.
    • Over de heropstart van de activiteiten van DGFB heeft het bestuur duidelijke afspraken gemaakt dat het enkel kan gaan over onderhoud en bouwwerven die kunnen gebeuren in volledig veilige omstandigheden, met inachtname van alle veiligheidsvoorschriften vanuit de overheid. Onderaannemers die zich hier niet aan zouden houden zal onmiddellijk de toegang tot de gebouwen worden verboden.
  • ACOD vroeg of de huidige sluiting van de studentenresto’s wordt gehandhaafd, en of de collega’s daar dus verder dienstvrijstelling krijgen.
    • Het universiteitsbestuur engageerde zich om op korte termijn naar de betrokken personeelsleden te communiceren dat de sluiting en de daaraan gekoppelde dienstvrijstelling verlengd wordt, en dit tot op het moment dat de federale overheid toestaat dat horeca-activiteiten opnieuw van start gaan. Op dat moment zal gekeken worden hoe dit op een veilige manier kan gebeuren.
  • ACOD vroeg het bestuur opnieuw naar maatregelen om ook voor de collega’s van de schoonmaak, die door ISS op tijdelijke werkloosheid werden gezet, te voorzien in compensaties om loonverlies te vermijden. Dit is extra noodzakelijk omdat de extra tegemoetkoming voor tijdelijke werklozen vanuit de Vlaamse overheid (tegemoetkoming in de energiefactuur) slechts geldt voor één maand.
    • Het bestuur liet weten niet van plan te zijn op deze vraag in te gaan: zij wil geen verantwoordelijkheid opnemen voor inkomensverlies van het personeel in onderaanneming.
  • We vroegen nogmaals naar de maatregelen die genomen worden om tijdelijke onderzoekers te ondersteunen wiens onderzoek in het gedrang komt door de coronamaatregelen. We vroegen hierbij ook extra aandacht voor de buitenlandse onderzoekers, die in sommige gevallen geen recht hebben op werkloosheidsuitkeringen indien hun contract afloopt, en wiens verblijfsvergunning vaak gekoppeld is aan de duur van hun arbeidscontract.
    • Het universiteitsbestuur gaf aan dat vanuit DOZA een bevraging bezig is om een zicht te krijgen op de impact van de corona-maatregelen voor lopend onderzoek en de onderzoekers die daarop werken.
    • De vraag rond de buitenlandse onderzoekers werd genoteerd, en er zal later een antwoord op komen.
  • ACOD vroeg opnieuw naar de ondersteuning die de UGent biedt aan jobstudenten die inkomensverlies lijden omdat hun studentenjob werd stopgezet omwille van Corona.
    • De UGent bevestigde dat er sinds de corona-maatregelen van start gingen geen nieuwe jobstudentencontracten worden voorzien. Nog lopende contracten liepen door tot de voorziene einddatum, maar werden daarna niet hernieuwd. Studenten met financiële moeilijkheden, zowel omdat ze hun inkomen als jobstudent binnen of buiten de UGent kwijtraakten, of bvb. omdat hun ouders omwille van tijdelijke werkloosheid met minder inkomen zitten, kunnen bij de sociale dienst terecht voor ondersteuning. Die financiële ondersteuning wordt voorlopig ook verruimd: er zal niet alleen steun kunnen gegeven worden voor onderwijsgerelateerde kosten, maar ook geld voor het levensonderhoud (huurgeld kot, eten, …)
  • ACOD vroeg ook aandacht voor de collega’s die de voorbije weken met interimcontracten aan de UGent werkten. Het probleem is dat zij in sommige gevallen zelfs geen aanspraak kunnen maken op werkloosheidsuitkeringen, en dat ze ook niet telkens kunnen genieten van de extra steun bij tijdelijke werkloosheid omwille van Corona. Aan de UGent wordt vaak nog steeds gewerkt met kortlopende interimcontracten, zelfs dagcontracten, ook wanneer dit niet volgens de regels is die gelden voor interimarbeid. Die mensen riskeren hiervan nu de gevolgen te dragen door bepaalde rechten op uitkeringen niet te hebben.
    • Het universiteitsbestuur liet weten dat haar standpunt is dat die situatie vergelijkbaar is met die van het personeel in onderaanneming en zij zich niet verantwoordelijk acht voor de financiële situatie van interimkrachten die aan de UGent werken. Uit de bespreking bleek verder ook dat er nog redelijk wat onduidelijkheid is bij het bestuur over de huidige situatie en het inkomen van de betrokken interimcollega’s. Na ons protest over dit antwoord van het bestuur wilde men deze vraag nog eens dieper onderzoeken.
  • We vroegen of er al zicht was op een eventuele ondersteuning die de overheid aan de UGent zal bieden voor financiële verliezen omwille van corona.
    • Het bestuur liet weten dat die vraag vanuit de VLIR is gesteld vanuit alle universiteiten, maar dat er vanuit de overheid nog geen antwoord is gekomen.
  • ACOD gaf aan dat we steeds meer opmerkingen krijgen dat het ook qua psychosociaal welzijn moeilijke tijden zijn. We vroegen of het bestuur extra inspanningen kan doen om zich ervan te verzekeren dat ook op dat vlak het welzijn van het UGent-personeel kan verzekerd worden.
    • Het bestuur gaf aan dat UGent-collega’s die het moeilijk hebben met de huidige manier van werken contact kunnen opnemen met de vertrouwenspersonen. De vertrouwenspersonen lieten echter weten dat zij slechts weinig worden gecontacteerd. We vroegen het bestuur om deze ondersteuning nogmaals bekend te maken. Daarnaast vroeg ACOD ook om in de communicatie te benadrukken dat alle problemen rond psychosociaal welzijn relevant zijn. We horen van sommige collega’s dat ze het gevoel hebben aan de UGent in een luxe-situatie te zitten in vergelijking met mensen in bvb. de zorgsector of supermarkten, en dat zij daarom geen recht zouden hebben om te spreken over de moeilijkheden en problemen die zij zelf ervaren. Het is daarom belangrijk dat er wordt duidelijk gemaakt dat iedereen die het moeilijk heeft recht heeft op ondersteuning, en dat men zich daarbij niet schuldig mag voelen tegenover anderen die het nog moeilijker zouden hebben.
  • Tenslotte herhaalden we de vraag naar een financiële tegemoetkoming voor personeelsleden die extra risico lopen omdat ze toch moeten aanwezig zijn in de gebouwen van de UGent, en een tijdelijke aanvullende telewerkvergoeding voor wie moet telewerken.
    • De UGent gaf aan hier niet op in te willen gaan, men wou ook tijdens deze uitzonderlijke omstandigheden niet afwijken van de huidige regels rond bvb. telewerk. Na protest vanuit de drie vakbonden gaf men aan dit toch nog eens te willen herbekijken.

Uiteraard hadden ook de andere vakbonden een inbreng in dit debat. Zoals eerder gezegd stelde ACV al de vraag naar de wijze waarop een eventuele heropstart zal gebeuren, en vroegen zij naar sociaal overleg over de beschermingsmaatregelen die dan van kracht zullen zijn. Zowel ACOD en VSOA sloten zich bij die vraag aan.

Het ACV stelde ook nog een aantal andere vragen, onder meer over de manier waarop er met verlofdagen die niet kunnen opgenomen worden omwille van de crisis zal worden omgegaan. Het bestuur beloofde om hierover na te denken.

Tenslotte vroeg het ACV ook of er extra schoonmaak of ontsmetting zal voorzien worden voor lokalen die bvb. tijdens de examens terug zouden gebruikt worden, en of er voorzien wordt dat aan collega’s van de maaltijdvoorzieningen zal gevraagd worden om hieraan mee te werken. Het universiteitsbestuur gaf aan dit te overwegen, maar dat als hiervoor zou worden gekozen de precieze modaliteiten nog op het overleg zullen worden besproken. ACOD gaf alvast aan dat er bij de heropstart van schoonmaaktaken eerst moet gekeken worden naar de collega’s van de schoonmaak die nu in tijdelijke werkloosheid zitten. Pas wanneer zij allemaal terug aan het werk zijn, kan er nagedacht worden over extra ondersteuning voor schoonmaak en ontsmetting door anderen. Het kan immers niet de bedoeling zijn dat aan de collega’s van de maaltijdvoorzieningen gevraagd wordt om terug te komen uit dienstvrijstelling om die taken over te nemen, terwijl de collega’s van de schoonmaak met loonverlies thuis zitten.

Wijziging BOF ZAP reglementering

Naast de bespreking van de corona-maatregelen stond ook nog een voorstel tot reglementswijziging op de agenda waarmee de reglementering voor BOF ZAP beperkt wordt aangepast om deze volledig in lijn te brengen met de regels rond de nieuwe ZAP-loopbaan.

Afspraken potentieelinschattingen 2020

Tot slot werd ook nog een toelichting gegeven over de wijze waarop de testen voor potentieelinschatting voor het ATP dit jaar zouden worden georganiseerd. Hierbij worden waar mogelijk online testen afgenomen. Testen met fysieke aanwezigheid worden uitgesteld tot na de zomer. In elk geval wordt ervoor gezorgd dat alle personeelsleden binnen eenzelfde testgroep (bvb allen die in C zitten en een rapport wensen te behalen voor B) steeds op dezelfde manier zullen worden behandeld. De deadline voor het indienen van een eventuele aanvraag voor functieherclassificatie wordt aangepast zodat ook personeelsleden die pas na de zomer de testen kunnen afleggen en het rapport behalen nog de kans hebben om dit jaar een aanvraag in te dienen.