ACOD gaat voor een duurzaam en sociaal mobiliteitsbeleid aan UGent

Op donderdag 22 oktober 2020 werd op het POC een voorstel onderhandeld over de invoering van een duurzaam mobiliteitsbeleid aan UGent. Je kan de tekst van dit onderhandelde voorstel terugvinden via deze link en ook in bijlage onderaan dit artikel.

Er waren de voorbije jaren al meermaals gesprekken gevoerd tussen de vakorganisaties en het universiteitsbestuur om tot een concreet en evenwichtig plan te komen dat zowel efficiënt als sociaal is. Wij zijn trots te kunnen zeggen dat het finale voorstel dat donderdag werd onderhandeld, en waarvoor ACOD (als enige van de drie erkende vakbonden) een protocol van akkoord heeft afgesloten, er mede is gekomen op initiatief van onze vakorganisatie.

In lijn met ons programma rond het klimaat hebben wij vorig jaar stappen gezet en concrete nieuwe voorstellen gedaan om tot een doorstart te komen van de gesprekken, die nu eindelijk en met positief resultaat zijn geland.

Hieronder gaan we wat dieper in op de volgende punten:

  • Wat houdt het nieuwe mobiliteitsbeleid in?
    • Een centraal, duurzaam en sociaal parkeerbeleid waarbij geen parkeerplaats meer wordt toegekend aan wie op minder dan 5 km van het werk woont, maar met voldoende alternatieven en sociale correcties
    • Een duurzame verplaatsingsvergoeding voor woon-werkverkeer, niet alleen voor de fiets maar ook voor wie te voet, met een step, met een kano, … naar het werk komt
    • Dienstverplaatsingen gebeuren met een dienstfiets of ander dienstvoertuig van UGent. Uitzonderlijk gebruik van de eigen fiets of wagen wordt op een gelijke manier behandeld.
    • Vergelijkbare regels voor partnerinstellingen of bedrijven die zich op UGent terreinen komen vestigen
    • Een duurzamere en efficiëntere levering van bestelde goederen
    • Strengere milieucriteria bij de aankoop van dienstwagens
    • Geen bedrijfswagens meer
  • Met ACOD willen we verder gaan na de invoering van dit nieuwe beleid: we vragen dat UGent het professioneel en privaat gebruik van (elektrische) fietsen door haar personeel financieel ondersteunt
  • Geen privileges aan onze universiteit: een parkeerplaats mag geen statussymbool zijn!

Bij vragen, aarzel niet om ons te contacteren via ACOD@UGent.be

Wat houdt het nieuwe mobiliteitsbeleid in?

Het voorstel bestaat uit een aantal onderdelen die allemaal even belangrijk zijn om het niet noodzakelijke gebruik van de wagen voor korte verplaatsingen verder te verminderen, en het gebruik van duurzame vervoerswijzen nog meer te stimuleren. Tegelijk houdt het voorstel voldoende rekening met de concrete individuele sociale noden van personeelsleden.

Een centraal, duurzaam en sociaal parkeerbeleid

Een significante wijziging in het nieuwe beleid is de invoering van een centraal gestuurd parkeerbeleid. Wie wel of niet mag parkeren op de campus wordt voortaan dan ook niet meer willekeurig bepaald door de lokale hiërarchische lijn (met in het verleden soms een heel onredelijke en asociale aanpak tot gevolg), maar de parkeerrechten worden aangevraagd bij en toegekend door een centrale parkeerbeheerder, i.c. de logistiek beheerder of zijn proxy. Dit zal gebeuren op basis van vaste regels die consequent worden toegepast ongeacht de personeelscategorie of het tewerkstellingsstatuut.

Als onderdeel van dit centrale parkeerbeleid werd ook bepaald dat personeelsleden die op minder dan 5 km van hun werkplaats wonen niet meer automatisch een wagenparkeerplaats krijgen toegewezen door de UGent. Tegelijk garandeert de UGent kwaliteitsvolle fietsenstallingen en de mogelijkheid tot openbaar of collectief vervoer in de onmiddellijke nabijheid van de werkplaats.

Even belangrijk om te vermelden is dat de personeelsleden die door deze regel geen parkeerplaats meer zouden krijgen hierop afwijkingen zullen kunnen aanvragen, dit bovendien op basis van vertrouwen en zonder bureaucratische procedures.
Zo zal het mogelijk zijn om op occasionele basis toch parkeerrechten te verkrijgen, bijvoorbeeld wanneer men die dag om een of andere reden uitzonderlijk toch met de wagen naar het werk dient te komen. Maar het zal ook mogelijk zijn om permanent afwijkende parkeerrechten aan te vragen wanneer dit nodig is. Dit zal niet alleen kunnen voor onder meer personeelsleden met fysieke beperkingen, maar ook voor wie bijvoorbeeld onderweg naar het werk de kinderen met de wagen naar school of opvang moet brengen, of om andere sociale of werkgebonden redenen.

In de huidige moeilijke periode zal vanzelfsprekend ook rekening worden gehouden met de specifieke omstandigheden van de coronacrisis voor het voldoende ruim toestaan van eventuele nodige afwijkingen.

Merk op: ook de huisbewaarders hoeven zich geen zorgen te maken. Vanzelfsprekend kunnen zij hun wagen blijven parkeren op het domein bij hun huisbewaarderswoning.

Deze nieuwe parkeerregeling zou na finale goedkeuring door het bestuur meteen ingaan voor alle nieuwe personeelsleden die daarna bij UGent aan de slag gaan.
Voor wie nu reeds aan UGent verbonden is en door de nieuwe regels een bestaande parkeerplaats niet zou kunnen behouden wordt voorzien in een overgangsperiode tot 1 mei 2021, zodat men de nodige tijd heeft om praktische regelingen te treffen voor deze aanpassing.

Deze aanpassing van de parkeermogelijkheden was gedurende lange tijd voorwerp van debat. Hoewel het verminderen van niet noodzakelijk wagengebruik een logische duurzaamheidsdoelstelling is, kan dit niet blind worden opgelegd. Redelijk wat personeelsleden hebben immers geen andere keuze dan met de wagen naar het werk te komen, ook al is dat in een drukke stad als Gent zeker geen aangename vervoerswijze.
ACOD is echter van mening dat de geboden mogelijkheden om occasioneel of permanent – ongeacht de woon-werkafstand, en op basis van vertrouwen – een uitzondering te bekomen wanneer dit nodig is, tegemoet komen aan deze individuele noden zodat het vermelde 5 km-principe op een sociaal correcte manier kan worden toegepast. Dit globale voorstel ligt ook volledig in lijn met de besprekingen die het voorbije jaar informeel werden gevoerd tussen de vakorganisaties en het universiteitsbestuur.

ACOD was verrast te moeten vaststellen dat de andere vakorganisaties, die niet akkoord gegaan zijn met het nieuwe mobiliteitsbeleid, tijdens de formele onderhandelingen van donderdag 29 oktober voorstelden om liever een absoluut intrekken van parkeerrechten zonder uitzonderingsmogelijkheden in te voeren indien dit zou gelden voor een kortere woon-werkafstand van 3 km.
Niet alleen hadden zij dit nooit ter sprake gebracht op de talrijke voorgaande overlegmomenten tussen de vakorganisaties en het bestuur (hoewel het 5 km-voorstel reeds van bij de start gekend was), maar bovendien vinden we met ACOD dat dit alternatief op geen enkele manier tegemoet zou komen aan de individuele sociale noden van die personeelsleden die daaronder zouden vallen en zich door gebrek aan uitzonderingsmogelijkheden in de problemen zouden gebracht zien.

Nadat het bestuur (naar onze mening terecht omwille van de hiervoor vermelde redenen) niet op hun alternatief voorstel wou ingaan hebben ACV en VSOA uiteindelijk een protocol van niet akkoord gegeven aan het voorstel.
ACOD hanteert evenwel een consequente houding zowel in de voorgaande informele besprekingen als in de formele onderhandelingen, en blijft het belang van het personeel – zowel op ecologisch duurzaam als sociaal vlak – voor ogen houden.

Een duurzame verplaatsingsvergoeding

Als onderdeel van het duurzame mobiliteitsbeleid zal voor alle duurzame verplaatsingswijzen voor woon-werkverkeer eenzelfde vergoeding worden toegekend als de fietsvergoeding. Dit is steeds de maximale fiscaal vrijgestelde vergoeding, momenteel 0,24 euro/km, en dit vanaf een minimumafstand van 1 km. Zo worden alle duurzame vervoersmiddelen gelijkgeschakeld: fiets, te voet, step, skateboard, …

Daarnaast blijft de derdebetalersregeling waarbij abonnementen openbaar vervoer voor woon-werkverkeer ten laste worden genomen door UGent natuurlijk ook volledig van kracht volgens de bestaande voorwaarden.

Dienstverplaatsingen

Als onderdeel van het duurzame mobiliteitsbeleid zorgt UGent ervoor dat op alle campussen voldoende dienstfietsen aanwezig zijn om de lokale vraag volledig te dekken. Ook specifieke noden (bakfiets, plooifiets …) worden opgevangen. Waar er tekorten zijn worden deze aangevuld.
Voor verplaatsingen met de wagen kan men gebruik maken van dienstwagens van UGent, of via UGent ontleende Cambio-wagens.

Voor die situaties waar men om een of andere reden uitzonderlijk toch nog de eigen fiets of wagen zou moeten gebruiken, worden beide vervoersmiddelen op dezelfde manier behandeld. In beide gevallen is het personeelslid verzekerd, waar dat tot nu toe enkel het geval was bij verplaatsingen met de wagen.
Ook het systeem van de kilometervergoeding wordt aangepast. Analoog aan het nieuwe parkeerbeleid zal er geen kilometervergoeding meer worden toegekend voor afstanden van minder dan 5 km. Voor afstanden van meer dan 5 km wordt voortaan ook voor de fiets de maximale fiscaal vrijgestelde vergoeding voorzien.

Merk op dat de UGent garandeert dat er voldoende dienstfietsen beschikbaar zijn, zodat men ook voor afstanden van minder dan 5 km geen gebruik hoeft te maken van de eigen fiets zonder dat daar een kilometervergoeding tegenover zou staan.

Geen onreglementaire bedrijfswagens meer

Tot op heden zijn er een aantal uitzonderlijke personeelscategorieën die bij hun aanwerving een bedrijfswagen toegekend krijgen door UGent. Deze werkwijze is niet reglementair voorzien, noch werd hiervoor ooit een onderhandeld protocol van akkoord gegeven. Deze niet-reglementaire werkwijze zal eindelijk worden stopgezet, en er zullen in de toekomst geen dergelijke contracten meer worden afgesloten. De UGent engageert er zich toe om ook in de toekomst geen systeem van bedrijfswagens meer in te voeren of voor te stellen.

Daarnaast zijn er ook nog een heel beperkt aantal dienstwagens die op een UGent-budgetplaats werden aangekocht en die door de betrokken verantwoordelijken buiten elke wettelijke regeling om onterecht als een feitelijke bedrijfswagen voor private doeleinden worden gebruikt. De UGent zal nu ingrijpen op deze vastgestelde inbreuken, waarbij de wagen ofwel als private wagen dient te worden overgekocht door betrokkene, ofwel elk onrechtmatig gebruik onmiddellijk dient te worden stopgezet.

Andere maatregelen uit het nieuwe beleid

Wanneer de UGent overeenkomsten sluit met andere instellingen of bedrijven die zich vestigen op de terreinen van de universiteit dan zal de universiteit van hen concrete doelstellingen vragen voor duurzame mobiliteit bij deze partner, en zal in het bijzonder het aantal beschikbare parkeerplaatsen voor deze partner worden vastgelegd volgens dezelfde criteria als aan UGent. Ook wordt er in die gevallen voorzien in gezamenlijk gebruik en financiering van overkoepelende mobiliteitsmaatregelen (bvb shuttledienst, fietshersteldienst, deelwagens, …).

Daarnaast wil de UGent een duurzamere en efficiëntere levering bekomen van bestelde goederen, en is er een verstrenging van de milieucriteria die worden gehanteerd bij de aankoop van dienstvoertuigen door de universiteit. Voor deze aankopen zal ook een striktere procedure worden toegepast die garandeert dat deze effectief bij elke aankoop worden toegepast.

ACOD wil verder gaan

In het kader van dit nieuwe beleid zal UGent de bestaande mogelijkheid voor personeelsleden om een (elektrische) fiets te huren via de Fietsambassade opnieuw onder de aandacht brengen. ACOD wil echter verder gaan. ACOD vraagt dat de UGent concrete financiële inspanningen doet om het fietsgebruik van haar personeelsleden te ondersteunen.

Concreet vragen wij dat de universiteit op haar kosten (elektrische) fietsen zou aankopen of leasen en deze ter beschikking zou stellen van de personeelsleden als een “bedrijfsfiets”, voor zowel werk- als privaat gebruik. Onze universiteit zou hiermee het goede voorbeeld volgen van andere openbare werkgevers (bijvoorbeeld de Stad Gent) die reeds een dergelijke keuze hebben gemaakt. UGent heeft zich tijdens de onderhandelingen ertoe geëngageerd om een dergelijke regeling uit te werken wanneer de financiële situatie van de universiteit dit toelaat.

Met ACOD blijven we dit nauwgezet verder opvolgen zodat dit engagement zeker ook wordt gerealiseerd.

Geen privileges aan onze universiteit: een parkeerplaats mag geen statussymbool zijn!

Eén element in het nieuwe beleid is voor ACOD echter een smet op het blazoen van dit globaal positieve en hoognodige mobiliteitsbeleid: ondanks herhaaldelijk aandringen van ACOD blijft het bestuur voorzien in voorbehouden plaatsen voor een aantal functies, meer bepaald voor rector, vicerector, beheerders, decanen en voorzitter raad van bestuur. Zij zouden dus formeel een voorkeursbehandeling blijven krijgen waarbij niet dezelfde regels worden gevolgd als voor de overige personeelsleden.

ACOD vindt dit een compleet achterhaalde ingesteldheid en een ronduit verkeerd signaal. De genoemde managementfuncties zouden net als eersten het goede voorbeeld moeten geven.

ACOD roept het bestuur dan ook op om deze voorkeursbehandeling alsnog te schrappen bij de finale goedkeuring van het duurzaam mobiliteitsbeleid, en vraagt ook alvast aan alle betrokken functiehouders om publiek afstand te doen van dit voorbijgestreefde privilege.